En toen werd ik ineens gegrepen door de griep. En niet een kleintje, nee het was de griep die je even volledig in quarantaine gooit. Nu ben ik dan niet zoals veel van onze mannelijke medeaardebewoners die dan komen met alle ooooh’s en eind speeches alsof ze de volgende ochtend niet meer halen maar het was toch best pittig. Wat de aanleiding was laat ik liever in het midden, maar ik weet wel dat mijn allerliefste kleine neefje mij na een heerlijk nachtje slapen bij zijn lieve tante (ik) een hartelijk goedemorgen wenste met een knusse nies in mijn gezicht. Zo eentje waarna je letterlijk het water uit je gezicht kan vegen. Helemaal lekker natuurlijk want dat gebeurd ook niet elke ochtend. Het begon rustig met wat pijn in mijn keel en lichte hoofdpijn achter de ogen. Maar als vrouw is dat nog geen reden om dan de hele boel maar gelijk op slot te gooien. Maar het ging snel achteruit en toen ik de volgende ochtend wakker werd had mijn stem zichzelf verwijderd en klonk ik als een goed doorgerookte dame. De koorts vocht zich een baan door mijn lichaam en het snot liep letterlijk mijn neus uit. Ken je dat? Dan lig je in bed naar adem te happen als een vis op het droge en dan ga je rechtop zitten en lijkt het alsof je spontaan zelf de watervallen van Coo bent geworden.
Nu had ik van mijn lieve mams zakdoekjes gekregen. Van die ouderwetse katoenen die je uit kunt wassen en opnieuw kan gebruiken. Ik voelde het gewoon niet om die papieren zakdoekjes te gebruiken. Als je ziek bent krijg je nou eenmaal bepaalde behoeftes denk ik. Dus op zo’n nacht word ik wakker omdat, dit is niet gelogen, ik naar adem hapte want de hele bombarie zat verstopt. Dus ik kom overeind en wil naar mijn zakdoek grijpen maar voel dat dat al net een vaatdoekje is geworden. Leuk die katoenen dingen maar dan moet je ze dus wel in de wasmand gooien!! Ik stap uit bed want ik had er nog een aantal in mijn ladekast liggen. Mijn moeder komt uit de periode dat het een gewoonte was om een voorraad aan te leggen. Ik weet nog dat ik jong was en wij thuis een voorraad kast hadden waar we wel een wintertje mee door konden komen. Tegen het einde zouden het wel wat verrassende combinaties worden maar we zouden het redden. Zo had ik dus nog een aantal katoenen zakdoekjes liggen. Ik trek de lade open en daar liggen ze nog in de verpakking tussen de panty’s en ondergoed. Nu kwam het aan op tijd want ik voelde al dat het snot loskwam en aan het rollen was. En wie verzint dan dus dat de zakdoekjes met een soort vouwtechniek van koninklijk niveau in dat doosje moeten zitten? En dat daar dan ook nog een kartonnetje in zit om hem lekker op zijn plek te houden en dat alles is ook nog dichtgeplakt met een plakbandje!!! U begrijpt wel dat ik daarna de halve lade aan ondergoed en panty’s zo de was in kon gooien want het vocht stroomde zo mijn neus uit. Ik probeerde het eerst nog op te vangen met 1 hand maar dat werkt niet als je je zakdoek moet ontvouwen.
Ook knus is dat in diezelfde dagen ook nog de maandelijkse vleugeldagen begonnen. Dan is het gebruik van de tampon ook uit den boze want die hoest je er zo weer uit. Dus dan maar aan de vleugels en hopen dat die het houd. Al met al was ik zo een week een beetje aan het overleven in mijn boshut op 1 hoog. Dan ben ik weer zo dankbaar voor mijn moeder die zakdoeken en fruit komt brengen, voor mijn schoonzus die de kindjes even komt laten rond hangen in mijn bacillen en mijn buurvriendinnen die elke dag even kwamen kijken en mijn bovenvriendin die elke dag eten voor mij maakte en ervoor zorg droeg dat ik het ook op at en mijn “buiten het appartementencomplex” vrienden die vroegen of ik er nog een beetje charmant bij zat. Na een weekje voel ik mij weer heerlijk en heb ik zowel de griep als de maandelijkse vleugeldagen weer overleefd. En recht zo die gaat weer door met het dagelijks leven, nieuwe avonturen tegemoet.